Merkregistratie in the pocket? Denk aan de gebruiksplicht!
Isabelle Hoefsmit

Nadat u uw merk geregistreerd hebt, hebt u ‘in principe’ gedurende 10 jaar het alleenrecht op het gebruik (de gebruiksplicht) ervan. U leest het goed: in principe. Want – en veel ondernemers zijn zich daar onvoldoende van bewust – met alleen een merkregistratie bent u er nog niet. U zult uw merk vervolgens ook moeten gebruiken én bewaken, om er zeker van te zijn dat er geen inbreuk op wordt gemaakt. Die 2 must-do’s lichten we graag wat beter aan u toe.
Must do 1: uw merk ‘normaal gebruiken’
De gebruiksplicht houdt in dat u uw merk moet gebruiken zoals het staat geregistreerd om u te kunnen beroepen op uw merkrecht. Gelukkig hoeft dit niet direct na de registratie: u krijgt een bepaalde periode de tijd om uw bedrijf op te starten en uw producten of diensten te ontwikkelen, terwijl u al wel uw merk hebt vastgelegd. In de Benelux en de EU is die periode 5 jaar. Pas na die 5 jaar moet u kunnen laten zien dat u uw merk hebt gebruikt voor de geregistreerde waren en diensten, wanneer u een beroep doet op uw merkrecht. Slaagt u hier niet in? Dan kan dat ervoor zorgen dat iemand anders uw merkrecht aanvalt en de registratie tegen kan gaan.
Waarom de gebruiksplicht eigenlijk best logisch is
Een stukje context bij deze regel is hier op zijn plaats. Als merkhouder kunt u in theorie tot in de eeuwigheid het alleenrecht hebben op het gebruik van uw merk. Na de eerste 10 jaar van uw merkregistratie kunt u deze immers gewoon weer met 10 jaar verlengen – en er zit geen limiet op hoe vaak u dat mag doen. U hebt hier dus echt een monopolie te pakken – en dat is heel waardevol. Maar als u er in de praktijk eigenlijk niets mee doet, en u er dus kennelijk geen ‘gerechtvaardigd belang’ bij hebt om uw monopolie-positie te behouden, kunt u iemand anders ook dwarsbomen. Dit omdat u eerlijke concurrentie (‘mededinging’) dan onterecht onmogelijk maakt. Met de gebruikseis wordt dat voorkomen.
‘Normaal gebruik’, wat is dat eigenlijk?
Met de gebruiksplicht stelt het Hof van Justitie dat er sprake moet zijn van een ‘normaal gebruik’ van uw merk. Met normaal gebruik wordt bedoeld dat u daadwerkelijk probeert om marktaandeel te krijgen met uw merk. U bent dus écht actief in de markt, met als duidelijk doel: afzet vinden om te behouden. Symbolisch gebruik ‘dat enkel ertoe strekt, de aan het merk verbonden rechten te behouden’ valt hier nadrukkelijk niet onder: doen alsof is dus geen optie. U dient dit normaal gebruik ook aan te kunnen tonen. Bijvoorbeeld met pagina’s van een website waarop producten en/of diensten aangeboden worden, een gedateerde brochure of productcatalogus, gedateerde foto’s, productverpakkingen en/of facturen.
Dit ‘normale gebruik’ wordt beoordeeld aan de hand van de omvang ervan. Het gebruik moet zodanig zijn, dat ‘de commerciële exploitatie reëel is’. U kunt zich voorstellen dat dit in de praktijk echt per geval apart bekeken moet worden. Soms is een minimaal gebruik van uw merk namelijk al voldoende, om aan de norm te voldoen. Denk maar aan luxeproducten als exclusieve sportauto’s of zeiljachten. Daar hoeft u er maar een paar van te verkopen, om van ‘commerciële exploitatie’ te kunnen spreken.
Must-do 2: uw merk bewaken
Direct vanaf het moment dat u uw merk hebt gedeponeerd in het merkenregister (u hebt dan dus alleen nog maar de aanvraag gedaan), beschikt u over de merkrechten en is uw merk wettelijk beschermd tegen inbreukmakers. Maar het signaleren van de potentiële risico’s die zich vervolgens aandienen, dient u vervolgens zelf te doen. De overheidsinstantie heeft haar taak op dat moment namelijk volbracht en beoordeelt hierna niet of eventuele later verrichte merkaanvragen mogelijk inbreuk maken op het door u geregistreerde merk. Dit wordt aan ‘de markt’ overgelaten en dient u als merkhouder dus zelf in de gaten te houden.
Nu denkt u misschien dat het zo’n vaart vast niet loopt. Maar in de EU en de Benelux worden dagelijks toch echt zo’n 500 nieuwe merknamen aangevraagd die wel eens verwarrend kunnen zijn met uw naam. Een ander merk deponeert dan een merk met een teken (merknaam en/of logo) dat te sterk lijkt op dat van u, wat afbreuk doet aan uw originaliteit en onderscheidend vermogen. Dat kopieergedrag is ronduit zuur en brengt allerlei afbreukrisico’s met zich mee: op negatieve publiciteit, minder omzet én een hoop negativiteit waar niemand op zit te wachten.
Een jaar lang kosteloos merkbewaking
Long story short: u doet er goed aan uw merk zorgvuldig te bewaken, zodat u tijdig op kunt treden tegen copycats en meelifters. Omdat u hier als ondernemer vaak de tools én tijd niet voor hebt, wordt merkbewaking meestal uitbesteed aan een merkenbureau. Bij Merk-Echt zien we die bewaking als part of the deal en verrichten we voor iedere nieuwe merkaanvraag een jaar lang kosteloos de merkbewaking.
Nog vragen? Wij helpen u vooruit.
Wij staan klaar om uw resterende vragen te beantwoorden. Neem contact met ons op voor vrijblijvend advies.

Gerelateerde blogs

Het onderscheidend vermogen van een merk
Wilt u uw merk laten registreren? Dan is een van de belangrijkste eisen dat het merk voldoende ‘onderscheidend vermogen’ heeft. Maar wat wordt nu precies bedoeld met dit onderscheidend vermogen? En waar kunt u rekening mee houden?

Classificatie; wat is het en waarom is het zo belangrijk?
Voordat we uw merkaanvraag indienen, moeten we eerst nauwkeurig beschrijven voor welke producten en/of diensten u het merk wil gaan gebruiken. Dit noemen we ‘classificeren’. Hoe gaat het opstellen van zo’n classificatie eigenlijk in zijn werk en waar letten we op?
